Florens groeide op in een gereformeerd gezin. Naarmate hij ouder werd, ging het fout met zijn leven. Hij ging meer drinken en op den duur gebruikte hij zelfs drugs.
Van God wilde hij niet veel meer hebben: "Ik geloofde in God zoals de duivel in God gelooft." Tegen CIP doet hij zijn verhaal.
Florens: "Het begon met een biertje met mijn vrienden. Op mijn dertiende was ik echter al ieder weekend dronken. Ik deed soms de gekste dingen als ik dronken was. Op een gegeven moment bleef het niet alleen bij de weekenden. We hadden een zuipkeet waar ik zelfs doordeweeks vaak naar toe ging. Toen ik naar een nieuwe school ging, kwam ik in aanraking met vrienden die veel blowden. Langzamerhand raakte ikzelf daar ook aan verslaafd. Soms lukte het me om een week of twee weken te stoppen en dan wist ik zogenaamd dat ik zonder kan en ging ik weer vrolijk verder. Ik ging nog wel naar kerk, maar was daar voornamelijk aan het slapen en aan het klieren met mijn vrienden. Ik geloofde in God zoals de duivel dat deed. Ik geloofde dat Hij er was, maar zodra ik er wat van hoorde, wilde ik het niet horen en ontweek ik het. Ik vond iedere christen nep en hypocriet. Ik zag eigenlijk niemand die de Heere Jezus echt weerspiegelde. Niet dat ik mijn omgeving de schuld wil en kan geven. Ik wilde het namelijk zelf niet zien."
Verandering
Op den duur kwam de vader van Florens erachter dat hij drugs gebruikte: "Hij confronteerde me ermee en vroeg me waar ik nu eigenlijk voor leefde. Ik antwoordde heel stoer maar de vraag bleef aan me knagen. Ik voelde me elke keer rot om die vraag en ging dan weer blowen. Op een dag had ik weer geblowd en zat ik op mijn kamer te bladeren in een boekje van Max Lucado. Door het lezen in dat boekje leerde ik de Heere Jezus kennen. Ik vond dat ik geen zinvol leven meer had zonder de Heere Jezus. Ik ging ook weer mee naar de kerk maar voelde me daar niet helemaal op mijn plaats. Ik kon niet bidden omdat ik wist dat ik eerst helemaal moest veranderen en dat was onmogelijk in mijn ogen. De Heere Jezus bleef echter trekken. Het trof me zo dat Hij alles voor me over had en maar bleef komen met zijn liefde."
Uiteindelijk kwam Florens ontzettend in de put te zitten doordat hij wist dat hij niet goed leefde: "Alles zag ik zwart. Het enige lichtpunt in mijn leven was Jezus.
Toen kwam ik in een dienst en het leek alsof de dominee tegen mij aan het praten was. De preek ging over de verloren zoon en ik besefte dat God er ook voor mij was. Voorheen kon ik nog geen traan laten, maar nu zat ik te janken in de kerkdienst. Ik wist dat ik het waard was verdoemd te worden en dat ik geen grond had. Toen zag
ik God met zijn open armen en ik wist dat hij feest vierde omdat ik tot hem kwam."
Het leven van Florens veranderde vervolgens compleet: "Gods Geest kwam in mij wonen en dan verandert je leven. Hij weest mij dingen aan die fout waren zoals drugs en alcohol en roken. Hij heeft me daarvan vrijgemaakt. Ik heb nog een paar weken met weed in mijn zak gelopen en elke keer was ik van plan om te gaan blowen maar ik kon het niet. Twee maanden lang was ik niet bij mijn vrienden. Ik kwam van mijn werk en ging in de Bijbel lezen. Daarna sprak ik ze weer en ze herkenden me niet meer terug Nu ga ik er nog steeds mee om en ik vertel ze over de liefde van de Heere Jezus. Jezus is namelijk heel mijn leven geworden. Alles is van Hem en alles draait om Hem."


